Gastblog: Hans Velders: Het verband tussen leiderschap en een vrij zenuwstelsel (deel 2).

Gastblogger: Hans Velders

Op 13 juli introduceerde ik op dit blog al Hans Velders aan jullie. Hans is expert en breed onderlegd in de verbinding tussen mensen, persoonlijkheid en ego en in thema’s als “je ware identiteit” en “je innerlijke balans”. In de feed van 13 juli duidde  Hans al het op het belang van een vrije geest in een vrij lichaam als essentiële basis voor goed leiderschap. Vandaag gaat hij een stukje verder en legt hij het verband uit tussen leiderschap en een vrij zenuwstelsel. Aan het woord: Hans Velders.

Welkom bij het tweede deel van dit drieluik over een vrije geest in een vrij lichaam. In dit deel leg ik uit welke rol onze drie breinen en het zenuwstelsel spelen met als doel te laten zien wat er nodig is om meer intuitieve vermogens vrij te maken en effectiever te worden in  leiderschap. Vergeef me de simplificering van de neurobiologie, zonder dat is het niet mogelijk om de relatie te laten zien tussen onze neurobiologie en de genoemde (MMT) leiderschapsprincipes.

We hebben drie breinen:

Een Neo-Cortext (NC), met name ingezet voor rationeel denken, vanuit hier hebben we gedachten, percepties en overtuigingen over de wereld en dit brein gebruiken we ook voor brainstorming, belastingaangiftes en boodschappenlijstjes (!).

Een Limbisch Brein (LB), ook wel het middenbrein genoemd, dit brein is onder andere verantwoordelijk voor het beleven en reguleren van emoties. Bij dit brein is het van belang of we emoties in verhouding kunnen ervaren met wat er gebeurt in de buitenwereld. Als dit brein uit balans is voelen we heel weinig of juist veel te veel. Door een kleine aanleiding worden we dan direct overspoeld met heel veel emotie.

Een Reptiel Brein (RB), ons oudste brein (evolutionair gezien) is verantwoordelijk voor alle autonome processen in ons lichaam zoals spijsvertering, ademhaling en bloeddruk. Het zogenaamde ‘onderbuik gevoel’ (gut brain) komt van dit brein.

De manier waarop dit brein met ons communiceert is via lichaamsensaties en diepe intuïtieve gevoelens. Het geeft signalen af als kippenvel, warmte,  kou, prikkelingen en tintelingen. We zeggen het ook letterlijk:

  • goed = ‘ik word er helemaal warm van van binnen’,
  • neutraal = ‘ik word er niet warm of koud van’ of
  • niet goed = ‘mijn haren gaan er recht van overeind staan’.

We functioneren optimaal als alle drie de breinen in balans zijn en samenwerken. Gedachten gaan dan samen met het vermogen om geproportioneerd emoties te voelen. Daarnaast is het reptiele brein in staat om signalen af te geven die vervolgens door de Neo Cortex worden opgemerkt en geïnterpreteerd (‘gut feeling’).

Wanneer de drie breinen geïntegreerd samenwerken komt het MMT (Milovic Methode) principe ‘een persoonlijkheid is iemand die een innerlijke stevigheid heeft’ tot uitdrukking. Dit onderbouw ik verder door de rol van het  zenuwstelsel in beeld te brengen.

Het zenuwstelsel kent drie standen

Om het functioneren van onze neurobiologie te kunnen verbeteren dienen we niet alleen onze breinen te begrijpen maar ook ons zenuwstelsel. Vanaf de 70-er jaren heeft prof. Porges in de V.S. de polyvagal theorie ontwikkeld, deze theorie beschrijft dat het zenuwstel drie standen kent:

  1. Stand 1 – het Social Engagement System; het zenuwstelsel en ons lichaam functioneert dan vanuit de perceptie ‘ik ben veilig in de wereld’ en in deze stand gebruiken we snelle neuronale circuits waarin alle informatie gelijktijdig kan worden verwerkt. Prof. Porges noemt dit systeem het Social Engagement System. In deze stand kan het zenuwstelsel alle sociale interactie en alle sensorische informatie via de zintuigen gelijktijdig verwerken. Een voorbeeld: je bent op een gezellig feest en je hebt heerlijke gesprekken, proeft de toastjes, hoort de muziek, danst en hoort ook nog het kopje in de keuken vallen. Wat er ook gebeurt je kunt alle indrukken en informatie verwerken. Ook kun je in deze stand je stemming veranderen door ergens anders aan te denken.
  2. Stand 2 – oriënteren op gevaar en vechten of vluchten; ons zenuwstelsel en lichaam functioneert vanuit de perceptie ‘ik voel me bedreigd in de wereld’, niet op een niveau van levensbedreiging, maar wel bedreigd. We gaan dan de bron/oorzaak opsporen waardoor we ons bedreigd voelen om via een adequate vecht/vlucht reactie de situatie weer veilig te maken. Ons lichaam is nu op een ander neuronaal circuit overgegaan. Dit systeem is niet geschikt grote hoeveelheden informatie (voorkomend uit sociale interactie) te verwerken en in deze stand kunnen we ook niet kiezen voor een ander humeur of stemming. Stand 2 is primair bedoeld om bedreigingen op te sporen (ook al was het een vals alarm) en om te vechten of te vluchten. Het is zeer zeker een krachtige stand want je kunt er een auto mee optillen als het moet.Terug naar ons voorbeeld: je voelt je ineens onrustig worden en je hebt sterk de impuls om je terug te trekken. Je gaat naar het terras waar weinig mensen zijn en kijkt om je heen. Je vraagt je af ‘waarom voel ben ik zo onrustig?’ Nu ontdek je een persoon op het feest die je nog niet had gezien. Met die persoon heb je een onafgemaakt verleden die bij jou een grote emotionele reactie oproept. Nu de bedreiging is opgespoord heb je de keus; vechten en de persoon eens flink de waarheid gaan zeggen of  vluchten door het feest te verlaten. Een tussenweg is er niet want je stemming veranderen is er niet bij in stand 2.
  3. Stand 3 – bevriezen; ons zenuwstelsel functioneert nu vanuit de perceptie ‘er is levensgevaar, mijn leven wordt bedreigd’. Deze stand is voor die gevallen waarin ons lichaam zich levensbedreigd voelt en niet kan en mag bewegen van ons reptiele brein omdat dat onze overlevingskansen verlaagt.Bijvoorbeeld: je staat in een bank en er komt een overvaller binnen met een geweer en bivakmuts. De lichamen van alle mensen maken een grote mate van vecht/vlucht energie aan, alleen ons reptiele brein laat deze energie niet vrij, omdat wie het eerste beweegt de aandacht van de overvaller krijgt en dan kan het slecht voor je aflopen. De grote lading aangemaakte vecht/vlucht energie mag er dus niet uit via onze spieren  (vechten of vluchten) waardoor we motorisch verstijven/bevriezen. Het is als het ware gas geven en remmen tegelijk, daar wordt onze auto niet blij van en ons lichaam ook niet. Toch is het functioneel, we kunnen aan de oppervlakte heel rustig worden, helder nadenken doordat we emoties even niet voelen en dit vergroot onze overlevingskansen in die situatie.

Tot zover deze toelichting over het zenuwstelsel, natuurlijk is er veel meer over te vertellen en daarom hebben we ook een avond georganiseerd op 17 augustus in Bilderberg hotel Wolfheze. Laten we nu met deze kennis eens kijken naar de leiderschapsprincipes.

MMT (Milovic Methode): Waarden gaan over ‘wat we belangrijk vinden’ en daaraan gekoppeld zitten onze emoties.

Als het waarden zijn die direct een relatie hebben met overleven – wetende dat fysiek overleven, sociale en financiële veiligheid voor ons lichaam hetzelfde is – gaat ons zenuwstelsel vanuit stand 2 of 3 functioneren en kunnen we effectieve sociale interactie wel vergeten.

We kunnen dat goed herkennen: vanuit stand 2 reageert iemand over-geemotioneerd  (boosheid of verdriet) en vanuit stand 3 reageert iemand heel rationeel, emotioneel bevroren, verstijfd als het ware. Deze persoon is dan emotioneel ‘vlak’, er is geen mimiek in het gezicht en het lichaam ademt amper. De persoon is niet aanwezig in het ‘nu’, anders gezegd ‘afwezig’.

MMT: Luisteren betekent met de ander aanwezig zijn in het nu zonder dat de rationele mind er direct interpretaties aan gaat geven of meteen iets wil veranderen.

Luisteren in stand 1 betekent dat je rustig aanwezig kunt zijn in het nu, je kunt je stemming reguleren, grapjes maken, creatief en productief zijn en genieten van het contact met de ander(en).

Luisteren in stand 2 betekent selectief luisteren met een gevaaroriëntatie op de achtergrond. Je bent achterdochtig om vervolgens op het juiste moment de keus te maken om te vechten of te vluchten in woord, in gedachte en/of fysiek.

Veiligheid is de key factor om te kunnen groeien als mens.

Nu we weten hoe ons zenuwstelsel functioneert wordt van een leider gevraagd om met name vanuit stand 1 leiderschap vorm te geven. Dus niet alleen vanuit je neo-cortex (mentaal) maar juist vanuit je lichaam en met breinen die samenwerken. Je krijgt dan een bepaalde uitstraling en mensen gaan je vertrouwen. Je hebt daar zelf ook alle voordeel bij want in stand 1 kun je veel gemakkelijker alle informatie verwerken uit je omgeving, geschreven, gesproken, het maakt niet uit.

In een ‘afrekencultuur‘ zullen meer mensen in stand 2 zitten dan in een ontwikkelgerichte organisatiecultuur. Als teveel mensen in stand 2 zitten is dit funest voor de creativiteit, de teamgeest, de sfeer en uiteindelijk het succes van de organisatie.

Natuurlijk is veiligheid een subjectief gegeven. In het derde deel beschrijf ik hoe we ons zenuwstelsel zodanig kunnen ontwikkelen dat we steeds minder snel in stand 2 of 3 komen. Een belangrijk conclusie die we  reeds kunnen trekken is dat stand 2 (vechten/vluchten) niet alleen een functie is van ons denken (neo-cortex), maar met name van het reptiele brein.

Dit brein kunnen we een belangrijk rol laten spelen in het vermogen om in stand 1 te blijven – en krachtig en veerkrachtig te zijn met al onze intuïtieve vermogens – en in het opheffen van blokkades in het zenuwstelsel om ons neurobiologisch functioneren te verbeteren.

MMT: Passie kunnen voelen betekent goed contact hebben met je lichaam.

Passie kunnen voelen vraagt om integratie van de drie breinen en stand 1 van het zenuwstelsel. Het vraagt van de neo-cortex om te kunnen onderscheiden wat er zo aantrekkelijk is in de buitenwereld en ook de lichaamssignalen van het reptiele brein op te merken. Het reptiele brein zal het zenuwstelsel in stand 1 brengen en het hart zal verder opengaan. De ‘gut brain’ zal door diepe gevoelens van ‘zekerheid’ of ‘innerlijk weten’ de signalen laten voelen van de juistheid van richting of het onderwerp. Zo heb je letterlijk via je lichaam de interne stevigheid en het vertrouwen gevonden om je passie te voelen en te volgen.

Het andere uiterste is er ook. We weten inmiddels dat, wanneer iemand langdurig in stand 2 zit (voortdurende onveiligheid) om bijvoorbeeld gezondheids-, financiële en/of relationele redenen, de persoon zich gaat terugtrekken. Het hart gaat meer ‘dicht’ omdat gevoelens niet goed verwerkt kunnen worden in stand 2 (alleen in de vervorming te veel of te weinig). Deze persoon heeft dan twee opties, in hulpeloosheid vallen en  sociaal terugtrekken (vluchten) of een kruistocht beginnen voor zijn gelijk (vechten).

Kiest u voor Bush?

MMT: Om vanuit warmte en emotie contact te kunnen maken dienen we het eerst zelf ervaren te hebben op een onvoorwaardelijke manier.

Is het niet logisch dat we als mens sociaal en neurobiologisch goed in het spoor geholpen dienen te worden door onze opvoeders?  Hoe kunnen we liefde ontdekken en leren geven vanuit stand 1 als we thuis emotioneel (soms ook fysiek) aan het ‘overleven’ zijn  geweest.

De leider die vanuit ‘overleven’ werkt en op een leidinggevende functie is gekomen zal moeite hebben met vertrouwen geven en  afhankelijk zijn van anderen. De persoon zal proberen het hele bedrijf of afdeling mentaal en emotioneel te controleren. Het is gemakkelijk te zien wat dit doet met medewerkers. Degene die opties hebben op de arbeidsmarkt gaan als eerste weg en

...of kiest u voor Obama?

de mensen die ook aan het overleven zijn blijven over. De leider ziet vervolgens dat hij de overige  medewerkers niet kan vertrouwen, want zij zijn niet creatief of pro-actief en de medewerkers blijven in deoverlevingsmodus richting hun baas. Zo krijgt iedereen zijn interne werkelijkheid weerspiegelt.

Een klassiek voorbeeld daarvan is de vergelijking tussen Bush en Obama. Voor wie zou u willen werken? Welke leider leeft hier vanuit stand 1 en welke vanuit stand 2.

MMT: Oprechte complimenten en feedback zorgen ervoor dat de creativiteit en communicatie tussen mensen wordt vergroot.

Dat spreekt opelijk inmiddels voor zich met deze kennis. Leiderschap vanuit stand 1 is een heel ander verhaal. Deze leider kan:

  • helder denken, naar anderen luisteren, anderen vertrouwen, delegeren en op het juiste moment op de juiste plek zijn doordat zijn intuïtie ‘aan’ staat en hij er naar luistert;
  • chaos managen en er met een goed resultaat uitkomen met zijn mensen;
  • voelen wie hij kan vertrouwen, niet omdat hij dat wil, maar omdat hij weet dat de persoon dat vertrouwen waar kan maken;
  • als het spannend wordt de spanning hanteren (vanuit stand 1) en als het voorbij is ontlaadt zijn lichaam de spanning (dit leg ik verder uit in deel drie);
  • zijn hoofd gebruiken en gecombineerd met zijn ‘diepere weten’ (reptiele brein) over wat reëel is voor zichzelf en zijn mensen;
  • aandacht geven zonder direct te hoeven ontvangen of gezien te moeten worden.

In deel drie laat ik zien hoe het reptiele brein het zenuwstelsel vrij kan maken van belemmeringen en hoe we ons lichaam neurobiologisch kunnen trainen in datgene wat tijdens onze opvoeding niet of te weinig is ontwikkeld.

Bedankt voor jullie reacties; dat waardeer ik zeer en tot volgende week!

Hartelijke groeten,

Hans Velders

Voor wie meer wilt weten over dit onderwerp of hierover wilt meepraten, is een informatieve avond voorzien op dinsdag 17 augustus 2010 van 19:00 tot 20:30 uur in Wolfheze. Je kunt je hiervoor opgeven door een eenvoudig mailtje te sturen naar peter@milovic.eu met “Wolfheze: ik neem deel” in de onderwerpstitel. Deelname aan deze avond is geheel gratis.

Laat een Reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

What is 5 + 7 ?
Please leave these two fields as-is:
IMPORTANT! To be able to proceed, you need to solve the following simple math (so we know that you are a human) :-)